Inbraakbeveiliging algemeen
De inbraakbeveiliging van een gebouw wordt in het algemeen bepaald door de
combinatie van de aangebrachte voorzieningen, toegepaste maatregelen en het
(beoogde) gebruik.
Om te komen tot een optimale inbraakbeveiliging moet daardoor balans worden gezocht in een mix
van bouwkundige- en installatietechnische voorzieningen alsmede organisatorische maatregelen.
EFPC heeft als bureau op al deze aspecten expertise en is daarmee leidend in Nederland. De positie van EFPC
als strikt onafhankelijk adviseur waarborgt voor u als opdrachtgever een advies dat uw belang dient.
In het proces om te komen tot een geaccepteerd inbraakbeveiligingsniveau zijn de eisende partijen leidend. De eisende partijen kunnen zijn:
- verzekeraar;
- gebouweigenaar/gebruiker.
Veelal is het wenselijk om voorafgaand aan discussies en aan het opstellen van beveiligingsplannen en ontwerpen
eerst een risico-analyse op te stellen.
In de risico-analyse worden de aanwezige criminaliteitsrisico’s onderzocht. Aan de hand van deze criminaliteitsrisico’s worden oplossingen gezocht waardoor het aanwezige criminaliteitsrisico’s wordt terug gebracht tot een door de eigenaar en verzekeraar acceptabel veiligheidsniveau. In de risico-analyse zijn het gebruik van het gebouw en de toegankelijkheid van het gebouw belangrijke aspecten.
Met de risico-analyse wordt voor de betrokken partijen duidelijk welke risico’s moeten worden geëlimineerd of moeten worden verminderd. De risico-analyse wordt verwerkt in beveiligingsplannen en ontwerpen.
De balans in voorzieningen en maatregelen om te komen tot een optimale beveiliging wordt vastgelegd in een inbraakbeveiligingsplan. Afhankelijk van de vraagstelling omvat het inbraakbeveiligingsplan een complete, integrale oplossing of een deelaspect.
Het inbraakbeveiligingsplan wordt ter goedkeuring aan de eisende partijen gestuurd en maakt bijvoorbeeld onderdeel uit van de premiebepaling van de verzekeraar.